Geschiedenis

Van kenjutsu naar kendo


In zijn huidige vorm is kendo relatief recent (19de eeuw). Het is echter een traditie waarvan de wortels teruggaan tot in de 12de eeuw.

Hoewel de boog en de speer veruit de belangrijkste oorlogswapens waren, werd in de Muromachi periode (1336-1568) het Japanse zwaard hét symbool van de samoerai.

Deze scholen hadden elk een eigen stijl, waarvan de fijne knepen enkel door de ingewijden waren gekend. De trainingsmethode van deze kenjutsu of koryu (oude school) bestond vooral uit het uitvoeren van vastgelegde vormen (kata).
Toen Japan zich in 1868 voor het Westen open stelde, werd duidelijk dat het militair gebruik van zwaarden hopeloos achterhaald was. De samoeraiklasse werd opgeheven en het dragen van zwaarden werd verboden. De traditie van het Japanse zwaard dreigde volledig te verdwijnen. Naar aanleiding hiervan brachten de toenmalige zwaardmeesters hun kennis samen in een nieuwe discipline: ken-do.
Zo ontwikkelde het zwaardvechten zich van ken-jutsu, het beheersen van de zwaardtechniek, waarbij het in eerste plaats om draaide het gevecht te winnen, naar ken-do, een manier om de traditie van het zwaardvechten te blijven beoefenen in een moderne wereld en daarbij, conform de technieken en de geest van de samoerai, lichaam en geest te ontwikkelen.

Niet meer het doel van de training was het belangrijkste, maar het trainen zelf werd het doel!


Kendo vandaag
Kendo wordt vandaag de dag wereldwijd beoefend. Hoewel kendo in het Westen veel minder bekend is dan andere Japanse krijgskunsten is het in Japan, samen met judo, de meest populaire budo-discipline. Bijna iedere middelbare school en universiteit in Japan heeft een kendoclub, alsook vele grote bedrijven, politiekorpsen, enz.